Aanmelden


Onderzoeksopdracht

 
 
Andere benaming: onderzoeksverslag
 
Wat is het?
 
Een onderzoeksopdracht is een meer of minder complexe opdracht waarin kennis uit theorie en praktijk worden verbonden met praktijkgericht onderzoek:
 
·       Het betreft een vraagstuk uit de beroepspraktijk.
·       Afhankelijk van de fase van de opleiding is de opdracht meer of minder complex.
·       Het doet een beroep op de onderzoekende houding van de student.
 
Wat wordt er getoetst?
 
Wat er wordt getoetst is afhankelijk van hoe een onderzoeksopdracht wordt ingezet. Een onderzoeksopdracht kan bijvoorbeeld:
 
·       Tot doel hebben dat de student kennis over bepaalde inhoud verzamelt (vaak lagere leerjaren).
·       Het doel kan zijn aangeleerde vaardigheden van methoden van onderzoek in de praktijk te brengen (oefenonderzoek/herhalen van reeds uitgevoerd onderzoek).
·       Of nieuwe praktijkgerichte kennis te genereren voor het beroepenveld (afstudeerscriptie).
 
Afhankelijk van het leerdoel worden één of meer van de volgende onderzoeksattituden en onderzoeksvaardigheden getoetst. Deze aspecten moeten nog nader ingevuld worden op de inhoud en het niveau waarop getoetst zal worden:
 
·       Verzamelen en interpreteren van relevante kennis uit onderzoeken.
·       Kritische en nieuwsgierige houding laten zien.
·       Kennis van de methodologische en theoretische onderbouwing van onderzoek.
·       Ontwikkelen van instrumentele onderzoeksvaardigheden.
·       Onderzoek opzetten en uitvoeren.
·       Hanteren van ethische richtlijnen voor goed onderzoek.
·       Schrijven van een goed onderzoeksverslag.

Zie voor een opbouw in deze competenties: [link: Onderzoek in het onderwijs van de HvA]
 
Hoe ontwerp je deze opdracht?

Ontwikkel een opdracht waarmee studenten kunnen laten zien dat ze de gewenste onderzoeksvaardigheden kunnen toepassen. Bij het ontwikkelen van de onderzoeksopdracht is van belang te bepalen:
·       Welke mate van zelfstandigheid wordt gevraagd.
·       Of de opdracht eenvoudig of complex is.
 
Indien de studenten zelf een onderwerp voor het onderzoek mogen bepalen: beschrijf dan aan welke eisen de onderzoekopdracht moet voldoen.
 
[link: Onderzoek in het onderwijs van de HvA]
 
De handleiding voor de onderzoekopdracht bevat de volgende onderdelen:
 
·       Omschrijving van de onderzoeksopdracht (onderwerp, werkwijze, verwacht niveau).
·       Begeleiding en ondersteuning (gekoppeld aan verwachte zelfstandigheid in kader van beoogd niveau).
·       Beoordelingscriteria.  
·       Beoordelingsprocedure en beoordelingsmomenten.
 

Wat moet worden ontwikkeld voor deze toets?
 
·       Op basis van de onderzoekleerlijn in het curriculum kan de mate van zelfstandigheid en complexiteit van deze specifieke opdracht te bepaald worden (niveau-aanduiding).
·       Afgeleid van dit niveau kunnen de specifieke (taal)beoordelingscriteria  gedefinieerd worden. Deze criteria zijn dan in lijn met de beoordelingscriteria van andere onderdelen in de onderzoeksleerlijn.
·       Procedure voor de begeleiding en beoordeling.
 
 
Hoe komt de beoordeling tot stand?
 
De student wordt door de examinator(en) beoordeeld over de mate waarin hij de beoogde onderzoekvaardigheden heeft toegepast. Dit vindt plaats aan de hand van het onderzoeksverslag. De student kan daarnaast gevraagd worden het onderzoek te presenteren en op vragen van de examinatoren in te gaan. De student krijgt één eindcijfer, dat tot stand komt op basis van het oordeel van het onderzoeksverslag en eventueel de mondelinge toelichting.
 
 
Welke feedback krijgt de student?
 
·       De onderzoekopdracht wordt beoordeeld door de examinator(en).
·       De student krijgt het ingevulde beoordelingsformulier met feedback op inhoud en op taal.
·       De student krijgt eventueel feedback van de opdrachtgever.
 
Daarnaast ontvangt de studenten tussentijds formatieve feedback.
 
 
Hoe bereid je de student voor?
 
Op de opdracht:
·       Zorg voor een duidelijke studiehandleiding waarin de onderzoeksopdracht zowel inhoudelijk als procedureel wordt toegelicht.
·       Geef voorbeelden van/les over goede onderzoekopdrachten, probleemstellingen, plannen van aanpak, onderzoeksverslagen enz.
·       Geef duidelijk aan op welke ondersteuning studenten bij het uitvoeren van de onderzoeksopdracht een beroep kunnen doen.
·       Registreer bij een vrije keuze van onderwerpen de opdrachten waaraan studenten werken, zodat studenten onderling kunnen samenwerken bij gelijksoortige opdrachten.
 
Op de toetsing:
 
·       Geef duidelijke informatie over de beoordelingsprocedure.
·       Bespreek de beoordelingscriteria vooraf met de studenten zodat ze weten wat er concreet van hen verwacht wordt.
·       Neem het beoordelingsformulier op in de handleiding.
 
Wat zijn sterke kanten van deze toets?
 
·       Draagt bij aan de kritische en onderzoekende houding van de student.
·       Daagt de student uit om zelfstandig een onderwerp - eventueel naar eigen keuze - te onderzoeken.
·       De authenticiteit en praktijkgerichtheid vormt de kracht van de onderzoeksopdracht.
·       Biedt gelegenheid voor de student om zich te profileren in het perspectief van de beroepspraktijk.
 
Wat zijn beperkingen van deze toets?
 
·       Het formuleren van een goede vraagstelling en het afbakenen van het onderwerp gaat de student soms moeizaam af, hetgeen tot vertraging kan leiden.
·       Wanneer er tijdens het productieproces weinig contact is tussen opleiding en student, kan het voor de opleiding lastig zijn om na te gaan hoe het denkproces van de student zich ontwikkelt. Bepalen van de mate en tijdigheid van begeleiding is dan soms ingewikkeld.
·       Studenten hebben vaak nog niet eerder onderzoeksverslag geschreven. Er moet dus onderwezen worden wat een onderzoeksverslag is en hoe het geschreven moet worden. Dit kost tijd.​
·       Bij onderzoeksopdrachten is er een groter risico op (onbedoeld) plagiaat of ander ethisch onjuist handelen (zie: Gedragscode Praktijkgericht Onderzoek in het hbo).